Een vierjarig Liberiaans meisje en een jongen van zeven vonden tijdelijk onderdak in het gezin van Elma. Aan haar eettafel -groot genoeg voor een voetbalteam- kijkt Elma terug op deze twee crisisplaatsingen.
Crisispleegzorg start pas als het kind over je drempel stapt. Dat is de eerste pleegzorg-les die Elma leerde. Er gingen heel wat telefoontjes en annuleringen vooraf aan de eerste crisisplaatsing in het gezin. Elma: ‘Totaal onverwacht stonden toch ineens twee jeugdbeschermers op de stoep. Tussen hen in een klein vierjarig meisje: Sarah*. Schattig… dacht ik.’ Het meisje kwam in pyjama. En behalve een tasje natte kleding had ze niets bij zich. ‘Haar kleding kwam net uit de wasmachine.’ Tussen het wasgoed vond Elma een briefje van moeder: zorg goed voor mijn dochter. ‘Dat raakte mij enorm.’
Structuur & voorspelbaarheid
Achter Sarah’s schattigheid zat een pittig karakter merkte Elma al snel. Sarah bleek thuis alles zelf te bepalen. ‘Als ze iets moest doen, opruimen bijvoorbeeld, ging ze huilen.’ Elma besloot een duidelijke structuur aan te brengen. ‘Vaste eettijden, iedere avond hetzelfde bed-ritueel. Daar ging ze goed op.’ En met resultaat: Het huilen nam af. ‘Wees voorspelbaar. Zeg wat je doet en doe wat je zegt.’
Sarah ging uiteindelijk terug naar huis. Het contact met moeder bleef. ‘Sarah is hier iedere maand een weekend. In de vakanties vaker.’ De gezinnen vieren verjaardagen samen. ‘Binnenkort is hier een kledingbeurs. Dan app ik moeder: ga je mee? Sarah en haar moeder horen gewoon in onze familie.’
Na het vertrek van Sarah volgde een tweede plaatsing: Roy. Een jongen van zeven. Dit proces verliep lastiger. ‘Zijn ouders gingen tegen ons in. Dat was verwarrend voor hem. Hij was uitdagend. Naar ons, maar vooral naar onze jongste zoon.’ Na negen weken stopte het gezin de plaatsing. Elma valt even stil, want het was geen gemakkelijke beslissing. ‘Hij woont nu in een gezinshuis.’
Vragen stellen & creativiteit
Ook al is het crisis en gaat het snel, bereid je toch goed voor, adviseert Elma. ‘Zorg dat je zoveel mogelijk weet voordat het kind komt. Stel vragen.’ En wees creatief. ‘Sarah kwam uit het kinderdagverblijf om drie uur. Ik werk als leerkracht. Dan ben ik nog niet thuis. Ik vroeg: kan de taxi haar naar mijn school brengen? Dat bleek gewoon te kunnen.’
Pleegzorg heeft het leven van Elma en haar gezin verrijkt. ‘Je leeft om te geven en te delen. Help de ander. Kijk maar naar deze tafel: daar is altijd een plekje vrij.’